Tracheacollaps
(afgeplatte luchtpijp)

Een tracheacollaps is een aandoening van de luchtpijp (trachea) waarbij de kraakbeenringen verzwakken en afplatten. Dit kan leiden tot ernstige ademhalingsmoeilijkheden. Vaak zien we deze aandoening bij kleine hondenrassen en dwergrassen zoals de Yorkshire Terriër, Pomeriaan, Maltezer, Chihuahua en Poedel. De oorzaak is niet volkomen achterhaald maar men vermoedt een multifactorieel probleem waarbij voornamelijk erfelijke factoren aan de basis liggen voor de verzwakking van het kraakbeen gecombineerd met complicerende factoren zoals luchtweginfecties.

Symptomen

Klassiek spreken de meeste eigenaars van een toenemende hoest die reeds op jonge leeftijd af en toe aanwezig was. Vaak gaat het om een droge, niet productieve hoest, precies of er iets 'vast zit' in de keel en dat de hond hoest als een 'zeehond'. De hoestklachten worden in de loop der jaren erger en worden vaak uitgelokt wanneer honden enthousiast of gestrest zijn, zich inspannen of wanneer er getrokken wordt aan de halsband. Afhankelijk van de mate van collaps van de luchtpijp variëren de symptomen van een milde hoest tot ernstige levensbedreigende onophoudelijk hoestklachten en ademhalingsmoeilijkheden, met zuurstoftekort, blauwe slijmvliezen en bewusteloosheid.


Diagnose

Een vermoedelijke diagnose van een tracheacollaps kan worden gesteld op basis van het type hond, de  voorgeschiedenis en het klinisch onderzoek. Tijdens het algemeen klinisch onderzoek kan vaak een hoest opgewekt worden door tracheale palpatie. Een nauwkeurige trachea-, long- en hartauscultatie is noodzakelijk om andere mogelijke aandoeningen te onderscheiden. Dit kan bijvoorbeeld gaan over een larynxparalyse, larynxcollaps bij BOS patiënten of een verkeerd aangelegde trachea (stenose/hypoplasie). Bijkomend dient er voldoende aandacht besteed te worden aan vaak gelijktijdig voorkomende longpathologie (allergische bronchitis of longontsteking) of een hartaandoeningen (bv. een lekkende hartklep).
Een definitieve diagnose van een tracheacollaps wordt gemaakt door directe visualisatie van de collaps met lokalisatie,  gradatie en lengte ervan. Bij een graad I is er een verminderde diameter van de trachea tot 25%, bij een graad II  tot 50%, bij een graad III tot 75% en bij een graad IV tot 100%. Indien zowel een graad I als een graad III aanwezig zijn bij eenzelfde patiënt, weegt de hoogste gradatie door voor classificatie.


null

Schematische weergave tracheacollaps

Om een tracheacollaps in beeld te kunnen brengen kan gebruik gemaakt worden van röntgenfoto’s, fluoroscopie en tracheoscopie met elk zijn voor- en nadelen.

- Een röntgenfoto is een momentopname ('snapshot') en afhankelijk van de fase van de ademhaling kan een collaps van de trachea al dan wel of niet worden vastgelegd.
- Fluoroscopie is een techniek waarbij gebruik gemaakt wordt van continue röntgenstralen wat het mogelijk maakt op een dynamische manier de trachea-bronchen in beeld te brengen zowel bij het inademen als bij het uitademen. Hierbij moet de patiënt niet gesedeerd of in slaap worden gebracht maar de beschikbaarheid van een fluoroscoop is vrij beperkt. Alleen hele grote diergeneeskundige centra hebben deze staan.
- De gouden standaard om de diagnose te stellen is een tracheoscopie. Hierbij wordt er met een kleine camera of scoop in de luchtpijp gekeken. Dit biedt de mogelijkheid om een collaps van de luchtpijp of hoofdbronchen in beeld te brengen. Bijkomend kan het strottenhoofd geëvalueerd worden op paralyse of collaps. Daarbovenop kunnen stalen genomen worden voor cytologisch en/of bacteriologisch onderzoek. Ook is het mogelijk een graad aan de collaps toe te kennen. Alhoewel een tracheoscopie als 'gouden standaard' wordt beschouwd voor tracheaproblematiek en lagere luchtwegaandoeningen, vereist dit wel een algemene anesthesie.
null

Beelden van een graad I tot een graag IV collaps bij verschillende honden.

Behandeling

Een conservatieve, medicamenteuze, behandeling is steeds de eerste stap bij patiënten met een tracheacollaps. Ideaal wordt een individueel behandelingsplan opgesteld waarbij de complicerende factoren worden geïdentificeerd en worden aangepakt, de klachten worden onderdrukt om de progressie van de collaps te vertragen en zo de levenskwaliteit van uw huisdier te verbeteren.  

Vaak wordt een combinatietherapie ingesteld met:

  • hoestremmers (codeïne/butorphanol)
  • ontstekingsremmers (prednisolone)
  • bronchodilatoren (theophylline)
  • eventueel kalmeermiddelen (valium of ACP)
  • antibioticum: het gebruik hiervan is niet geheel duidelijk maar we weten dat dergelijke patiënten een verminderde lokale afweer hebben en gevoeliger zijn voor infecties. Idealiter worden antibiotica gekozen op geleide van bacteriële kweek en antibiogram.

Bijkomende omgevingsmaatregelen zijn:

  • vermijd irritatie van de luchtwegen door middel van passieve rookinhalatie of schoonmaakmiddelen
  • vervang de halsband door een borsttuig om minder druk te hebben op de luchtpijp
  • bestrijd/verhinder overgewicht
  • vermijd inspanningen waarbij de hoest uitgelokt wordt
  • pas de levensstijl van uw huisdier aan zodat een hoest zo weinig mogelijk getriggerd wordt (deurbel,…)
  • start hartmedicatie bij een  eventuele hartaandoening
  • overweeg het gebruik van slijmoplossers-aerosol inhalatoren

Een chirurgische ingreep wordt best overwogen wanneer een patiënt niet of onvoldoende reageert op de juiste medicamenteuze behandeling of wanneer de tracheacollaps verder achteruit gaat en evolueert naar een graad III of IV.

Er zijn twee groepen van chirurgische ingrepen: enerzijds kunnen we ringen ROND de trachea plaatsen en anderzijds kan er een stent IN de trachea worden geplaatst om deze open te houden. Beide technieken hebben elk hun voorwaarden, kostprijs, complicaties, voor- en nadelen. Gezien de ernstige complicaties die mogelijk zijn na een chirurgische behandeling is het uiterst belangrijk om op voorhand goed na te gaan of de medische behandeling voldoende agressief was of de symptomen wel uitsluitend te wijten zijn aan de tracheacollaps en of de chirurgische ingreep een optie is voor uw huisdier. De intraluminale stent bijvoorbeeld wordt op maat gemaakt in de Verenigde Staten na radiografische metingen. De meeste patiënten verbeteren aanzienlijk met duidelijk verhoogde levenskwaliteit maar honden met een tracheastent hebben vaak levenslange medicamenteuze ondersteuning nodig. De kostprijs voor een op maat gemaakte stent alleen bedraagt rond de 2000 euro.

null
Radiografie van een Yorkshire Terriër met correcte plaatsing van een intraluminale tracheastent


Follow-up

Een opvolgingstraject wordt geadviseerd waarbij dergelijke patiënten minimaal om de 6 maand op controle komen, afhankelijk van de individuele patiënt. Gezien een tracheacollaps een progressieve aandoening is, kan het noodzakelijk zijn om na te gaan of het huidige management adequaat is of er bijkomende onderzoeken aangewezen zijn of er medicamenteuze aanpassingen moeten worden doorgevoerd.

Prognose

Patiënten met de beste prognose zijn deze met minimale tracheacollaps, met geen complicerende factoren en waarbij medicatie de achteruitgang van de collaps sterk vertraagd. Honden met een ernstige collaps kan het bijzonder moeilijk zijn om de ziekte onder controle te brengen. Een chirurgische ingreep kan zeker ondersteunend werken en de levenskwaliteit drastisch verbeteren. Deze afweging is heel patiënt individueel afhankelijk en hierbij begeleiden wij u graag om alle mogelijkheden met u te bespreken.